Meer sfeer, minder ruimte – hoe Dr. Stefan Rief de toekomst van werk ziet

Meer sfeer, minder ruimte – hoe Dr. Stefan Rief de toekomst van werk ziet

Minder ruimte, meer betekenis

Als Stefan Rief de toekomst van het kantoor in één zin zou moeten samenvatten, zou dat waarschijnlijk deze zijn: we hebben minder kantoorruimte nodig, maar die ruimte wordt wel kwalitatief beter. 

“We zullen merkbaar minder ruimte nodig hebben”, zegt hij. “Maar voor de tijd die we op locatie doorbrengen, hebben we meer ruimte, meer diversiteit, meer sfeer en meer technologische ondersteuning nodig.” 

De virtuele wereld ontwikkelt zich in een opmerkelijk tempo. AI-systemen, digitale samenwerkingstools en immersieve technologieën nemen steeds meer taken over. De fysieke ruimte mag niet achterblijven. Ze moet meer zijn dan een decor – ze moet een toegevoegde waarde creëren die niet digitaal kan worden gerepliceerd. 

Het kantoor wordt daardoor steeds minder een plek waar alleen taken worden uitgevoerd en steeds meer een plek van ontmoeting, identificatie en uitwisseling. 

De sterkste reden om naar kantoor te komen: andere mensen

Hybride werken is een blijvertje. Maar met nieuwe flexibiliteit komt ook een nieuw gevoel van verantwoordelijkheid. 

“De sterkste factor die mensen naar kantoor trekt, zijn andere mensen”, benadrukt Rief. Hoewel nauwe samenwerking in virtuele omgevingen goed kan functioneren, gaan toevallige ontmoetingen, informele gesprekken en incidentele leerervaringen vaak verloren. 

Juist daarom worden sociale ruimtes binnen organisaties steeds belangrijker. Ruimtes zoals het Work Café zijn geen decoratieve toevoegingen, maar essentiële sociale infrastructuur. Ze bevorderen spontane dialoog, nieuwe perspectieven en vertrouwen. 

Hoe dieper AI in onze werkprocessen wordt geïntegreerd, hoe groter de behoefte aan echte menselijke contacten wordt.

AI maakt ons efficiënter, maar versterkt ook ons verlangen naar menselijke resonantie.

Stefan Rief

Kwaliteit boven vierkante meters

Hybride modellen veranderen ook de verwachtingen van de werkplek. Wie er bewust voor kiest om naar kantoor te komen, verwacht omstandigheden die die keuze rechtvaardigen. 

En die verwachtingen zijn divers: rustige plekken om geconcentreerd te kunnen werken, open zones voor uitwisseling, inspirerende sferen, misschien zelfs horecagelegenheden of gemeenschappelijke ontmoetingsplaatsen. 

De ruimtes van vandaag moeten keuze bieden. Mensen werken op verschillende manieren – en hun behoeften veranderen gedurende de dag. Soms hebben ze behoefte aan concentratie, soms aan interactie of aan de energie die voortkomt uit het samenzijn met anderen. 

Goed ontworpen werkomgevingen bieden precies dit spectrum. Ze bieden zowel structuur als openheid. 

Tussen de metaverse en de werkelijkheid

Rief neemt ook virtuele ruimtes serieus. Immersieve technologieën kunnen sferen creëren, nabijheid simuleren en creatieve omgevingen creëren die fysiek moeilijk te realiseren zouden zijn. 

“Als je er langere tijd in werkt, merk je hoe meeslepend ze zijn”, merkt hij op. Vooral jongere generaties, die zijn opgegroeid in digitale werelden, kunnen dergelijke formats als volkomen natuurlijk beschouwen. 

Toch blijft er een cruciaal verschil bestaan: wanneer je de headset afzet, heb je nog steeds behoefte aan echte plaatsen. Authentieke ontmoetingen. Fysieke aanwezigheid. 

In een steeds digitaler wordende wereld kan het fysieke zelfs een vorm van authenticiteitsbewijs worden. 

Van “Office to X” naar een nieuwe openheid

Rief beschouwt de kantoorruimte die de komende jaren beschikbaar komt niet als een nadeel, maar als een echte kans. En hij is duidelijk: dit betekent niet dat er extra projectruimtes moeten worden gecreëerd – goed ontworpen kantoren voorzien vandaag de dag al in die behoeften. 

Het echte potentieel ligt in stedelijke contexten waar grotere oppervlakten kunnen worden vrijgemaakt en opnieuw kunnen worden ingericht. Ruimtes die niet opnieuw als kantoor hoeven te worden gebruikt, maar voor heel andere doeleinden kunnen dienen. 

“Dit opent mogelijkheden die veel verder reiken dan de zakelijke context”, legt Rief uit. Nieuwe vormen van huisvesting, culturele locaties, ontmoetingsplaatsen of gedecentraliseerde infrastructuur zouden kunnen ontstaan als steden en projectontwikkelaars de moed hebben om deze mogelijkheden verder te ontwikkelen. 

Hij wil dit graag in een realistisch perspectief plaatsen: de bedrijven die hun kantoorruimte verminderen, zijn over het algemeen niet verantwoordelijk voor de herbestemming ervan. Die taak ligt bij gemeenten, projectontwikkelaars en nieuwe vormen van samenwerking. 

“Office to X” betekent dus niet een nieuw kantoorformaat, maar eerder een impuls om steden diverser, gemengder en leefbaarder te maken. 

Ruimte is cultuur

Voor Rief zijn werkplekken nooit neutraal. Ze geven signalen af, beïnvloeden gedrag en maken attitudes zichtbaar. 

“Als je de cultuur echt wilt veranderen, verander je de ruimtes – als een zichtbaar teken dat je het serieus meent.” 

Of een organisatie nu de nadruk legt op aanwezigheid of hybride modellen omarmt, duidelijkheid is cruciaal. Ruimtes moeten aansluiten bij wat een bedrijf wil zijn – en bij wat mensen nodig hebben om effectief samen te werken. 

Om deze reden krijgen plaatsen als het Work Café een nieuwe betekenis. Ze symboliseren een werkomgeving die uitwisseling mogelijk maakt, hiërarchieën verzacht en ontmoetingen tot een natuurlijk onderdeel van het dagelijks leven maakt. Een omgeving die niet alleen in functionele termen is ontworpen, maar ook in atmosferische termen. 

Misschien ligt hier wel de toekomst van de werkplek: minder vierkante meters, maar meer kwaliteit. Minder vaste toewijzing, meer openheid. Minder verplichting, meer aantrekkingskracht. 

De werkplek van morgen heeft behoefte aan ruimtes die mensen samenbrengen. Ruimtes die identiteit creëren. Ruimtes waar mensen willen blijven. 

En dat is waar doordacht ontwerp begint.

CONTACT
Contact opnemen
Showroom
Doe hier inspiratie op